//Zoals verschenen op sargasso.nl//
‘We zijn gered! Het akkoord is misschien niet optimaal, de weg voor de Grieken is lang en Noord-Europa moet flink in de buidel tasten, maar veel keuze hadden we niet. De druk is van de ketel en we kunnen er weer even tegenaan.’ Het algemene debat wijkt aldoor niet ver af van deze gedachtegang. Toch weten we dat we enkel tijd hebben gekocht. Sinds 2008 is er eigenlijk weinig veranderd en zijn problemen enkel geëscaleerd. Alhoewel, één constante lijken we van uit te kunnen gaan: de bank als winnaar. Keer op keer.
Hoe zijn we hier eigenlijk gekomen? Het begon al lange tijd geleden in de Verenigde Staten met het verstrekken van makkelijk toegankelijk krediet via de creditcards/leningen en gaf de economie daarmee een grote voorsprong ten opzichte van andere economieën. De rekening werd vervolgens niet betaald, maar opgevangen met nieuw makkelijk toegankelijk krediet in de vorm van hypotheken. De rotte appels werden gebundeld in pakketjes met andere schulden en kregen een triple-a kredietwaardigheid van de kredietbeoordelaars -de welbekende Collateral Debt Obligations (CDOs), verzekerd als Credit Default Swaps (CDS). De schulden konden met deze CDOs/CDSs worden geëxporteerd en de risico’s werden de problemen van internationale banken, (lokale) overheden en pensioenfondsen. De aflossingsproblemen in de VS werden zo ieders probleem, de waarde van dit triple-a bezit verdampte deels en de banken, lokale overheden en pensioenfondsen zaten in grootse schulden. Wederom werd nieuw krediet verleend, nu door de Centrale Banken of de overheid -welke vervolgens bij de Centrale Bank aankloppen. En zo zitten we nu bij -het door Goldman Sachs uitverkochte- Griekenland dat gisteren weer voor €130 miljard aan krediet werd voorzien van de Centrale Bank, het IMF en instituut Europa: ‘de trojka’. Ze hebben zich ondertussen gevormd tot de dominante spelers met Europa als speelveld.
Niets nieuws. Het verhaal kenmerkt zich echter in kredietverstrekking en de steeds dominantere rol die ze inneemt in de politiek. En hier wordt het interessant. Waar komen die astronomische bedragen eigenlijk vandaan? De BRIC-landen houden wijs gepaste afstand. De banken en vervolgens Centrale Banken -zei het via het IMF- hebben de rekening voor ons betaald. Maar waarmee?
Het geld voor de kredieten komt via Fractional Reserve Banking tot stand. Een begrip dat interessant eenvoudig uit te leggen is. Bij het storten van €10.000 op je rekening hoeft de bank voor slechts 3% garant te staan (solvabiliteitsratio) waarmee ze €9.700 vervolgens uit kan lenen. De lening van €9.700 van persoon B wordt bijv. gebruikt om een auto te kopen, waarna de autoverkoper de €9.700 als spaargeld stort. Wederom hoeft de bank voor slechts 3% van deze €9.700 garant te staan. Herhaal dit proces honderd maal en er is €317.958 in omloop. Minus de €10.000 is er €307.958 uit lucht gecreëerd. De bankt verkoopt de rotte appels vervolgens door, vangt rente over lucht en eigent toe bij faillissement. Mocht het echt fout gaan is de overheid of Centrale Bank er nog. En u raadt het misschien al, maar de Centrale Bank mag ongeveer hetzelfde trucje uitvoeren met de overheid als klant.
Wanneer je dit echter even laat bezinken blijkt waarom het vertrouwen in het monetaire spel van essentieel belang is. Het solvabiliteitsratio van de banken ligt ongeveer rond de tien procent. En zodra deze onder de drie procent komt, houdt het op. De euro als aanmaakpapier voor je open haard. En dat kan snel gaan.
Velen beschikken over net genoeg geld om hun rentes te betalen over dit fictieve geld. Aangezien het geen optie is om bezittingen af te schrijven vanwege het solvabiliteitsratio, wordt er meer krediet in het systeem gepompt om deze rentes te kunnen blijven betalen. De bedragen die middels krediet in het leven worden geroepen, zijn zo steeds groter en daarmee ook steeds prominenter zichtbaar. Welkom in de wereld van ons monetaire systeem: ons piramidespel.
Hoe interessant dit proces en haar economische implicaties ook zijn, terug naar de politiek waar het verregaande gevolgen heeft op de hedendaagse besluitvormingsprocessen.
De fictieve schulden worden hier namelijk reële bezuinigen. De maatschappij betaald de rekening van het piramidespel van de trojka. Het nieuwe geld geeft ons inflatie en maakt de prijzen duurder. Het maakt de rat race naar geld prominenter. Anderzijds bezuinigd de overheid. Uitkeringen verdwijnen, zorg en openbaar vervoer worden ingekort of duurder; stress, sociale onrust en overlevingsreflexen worden dominanter. Dit beperkt zich zeker niet tot Griekenland. Vergeet de ‘luie Grieken’ en de ‘arrogante Duitsers’: we’re all in this together. Wellicht was occupy nog niet eens zo’n gek idee.
De ‘redding van Griekenland’ door Europa stond centraal bij het steunplan afgelopen oktober. Vandaag tonen we met ‘Grieken gered, voor een tijdje’ -de voorpagina van het fd- al iets meer nuchterheid. Ik stel een andere kop voor. Ze reflecteert misschien beter het steunplan zelf en haar totstandkoming.
De voorbereiding van de wetgeving van de Europese Commissie gebeurt vaak door ‘expertgroepen’. Tweehonderd van de tweehonderdvijftig (76%) ‘experts’ komen direct uit de lobby van de financiële wereld: Deutsche Bank, Ernst & Young, Bank of America, Goldman Sachs, BNP Paribas, Dexia, etc. De wet gaat vervolgens naar de Europese Commissie. Bij topoverleg, zoals het steunplan in oktober, schuift de voorzitter van het International Institute of Finance (IIF), dhr. Ackermann, zelf aan bij de regeringsleiders. Het IIF is de enige wereldwijde organisatie voor financiële instellingen. Niet geheel zonder verbazing is dan ook tachtig procent van het geld in het steunplan naar financiële instellingen gegaan. Ook nu gaat het gros van het geld naar schuldenaflossing aan de financiële sector. Wellicht dat de volgende keer niet “Europa redt Griekenland” geldt als richtlijn voor de discours, maar we toekunnen naar “bank redt bank” -wat het eigenlijk al in 2008 had moeten zijn toen onze staat de banken overnam. Het zou een mooie kop zijn voor het FD bij een volgend steunplan.
“Landen zijn de gijzelaar geworden van hun banken” zoals Joris Luyendijk in de NRC•Next van negentien januari al opmerkte, “nog even en het westen kent geen land meer met een paar banken, maar een paar banken met een land.” Het monetaire systeem en zo ons geld lijken wel het geloof van onze tijdsgeest. We zullen af moeten van het idee van geld als ruilmiddel naar geld als veroorzaker van ongelijkheid en sterk gecentraliseerde macht.
Het kan anders. De bezuinigingen op fictieve schulden weerhouden ons van het bouwen van een stabiele economie. Investeringen in duurzame technologie geven ons zelfredzaamheid en economische democratie. De energiemarkt is daar een goed voorbeeld van. Waar Griekenland afhankelijk is van dure leningen voor olie, kan IJsland het IMF de deur wijzen met volledig duurzame energie en zo haar democratie waarborgen. In Duitsland is duurzame energie een van de grootste industriële sectoren van het land. Meer dan 20% van de energie is duurzaam. Meer dan de helft van de zonne-energie opgewekt is niet in het bezit van bedrijven, maar van individuen. In Engeland is zojuist ‘swerelds grootste windmolenpark op zee gebouwd. En in Nederland? In Nederland bouwen we kolen- en gascentrales: eens een gidsland, stappen we nu terug in de tijd. Het wordt tijd om voor de toekomst te kiezen en voorbij de monetaire gijzeling van onze economie en democratie.
Seth Lievense
UPDATE Vrijdag 9 maart 2012: Voorpagina Financieel Dagblad, ‘Banken redden Griekenland’
Hoe komt het eigenlijk dat de banken zo machtig zijn geworden?
Belangrijk is te realiseren dat de sociaal-economische indeling van onze maatschappij zelf onderhevig is aan de spelregels van het monetaire systeem.
Schuld is een product van ons monetaire systeem dat rust op geld. Een uitvinding die goed werkzaam kan zijn en ons de waarde van producten kan tonen in een schaarse wereld. Geld is sinds o.a. de loskoppeling van goud nochtans een product van vertrouwen geworden en op zichzelf waardeloos. Het gros van ons geld (95%) wordt gedrukt door private instellingen, banken. De waarde van dit geld wordt gelegitimeerd met de erkenning hiervan door de Centrale Banken en de monetaire spelregels die hierbij komen kijken. Deze Centrale Banken ontbreekt trouwens enige democratische invloed. Noch parlement, noch overheid hebben een stem in het besluitvormingsproces.
Fractional Reserve Banking beschrijft dit proces van geld maken. Stel je hebt €10.000 euro gespaard en zet deze op de bank. De bank hoeft slechts voor 3% garant te staan voor haar uitstaande schulden. Dit betekent dat ze €9.700 euro van je gespaarde geld vervolgens uit kunnen lenen. Je buurman komt voor zijn nieuwe auto 9.700 euro tekort en gaat hiervoor een lening aan bij de bank. Vervolgens zet de autohandelaar deze €9.700 euro op zijn spaarrekening voor zijn oude dag. Slechts 3% van deze€ 9.700, €291, zal de bank achter hoeven houden, de rest kan ze uitlenen. De overige €9.409 zal wederom uitgeleend worden. De economie bloeit en er is geld genoeg voor investeringen!
Na honderd maal uitlenen is er echter €317.958,02 euro in omloop. Haal daar de oorspronkelijke 10.000 vanaf en €307.958,02 euro is gecreëerd.
Banken kunnen via Fractional Reserve Banking zo een veelvoud aan geld creëren met het uitschrijven van nieuwe leningen. Geautomatiseerd en zonder inspanning ontstaat er geld uit lucht. Dit zorgt voor inflatie, het minder waard worden van geld, en is zo een belasting op ons gezamenlijk geldbezit. Je zult meer moeten werken voor dezelfde welvaart. Tenzij je genoeg geld op de bank het om deze inflatie te vereffenen, zal je er op achteruit gaan/niet gelijk op vooruit gaan.
De bank vraagt echter ook rente over het bedrag dat ze uitschrijft. Voor het terugbetalen van deze rente zal geld uit de bestaande geldcirculatie gehaald moeten worden. Dit moet ergens vandaan komen en meer leningen zullen aangegaan moeten worden of iemand anders verliest de stoelendans. Schuld door rente, vereist meer schuld en creëert meer rente. Dit is een exponentiële ontwikkeling die geen stand kan houden: een piramidespel. Een piramidespel waarbij enerzijds rente over schuld of anderzijds rente over geldbezit eveneens een ingebouwde vorm van ongelijkheid in het geldsysteem is. We zullen af moeten van het idee van ons geld als ruilmiddel, naar geld als veroorzaker van ongelijkheid en daarmee macht.
‘Ergens is het goed dat mensen het geldsysteem niet begrijpen.
Zou dat namelijk wel het geval zijn, zouden we morgenvroeg al een revolutie zien.’
-Henry Ford
(geen ondertiteling? open de video op youtube en selecteer deze rechtsonder)
Raoul Schepers leverde zijn accountantsvergunning in uit protest tegen de huidige financiële regelgeving. ‘De mensen die dit bedacht hebben zijn of heel dom of heel sluw. In het laatste geval horen ze achter de tralies.’
(klik om te vergroten)
We zullen voor de antwoorden van de dag van morgen voor een technologische benadering van onze problematiek moeten gaan. Technologie geeft de burger zelfredzaamheid en overvloed.
Zo ook voor de energiemarkt. Op decentrale wijze zal samenwerking plaats gaan vinden, zoals internet dit voor onze communicatie heeft gefaciliteerd.
De straatprotesten tegen de graaicultuur breiden zich uit. Volgens Seth Lievense, één van de organisatoren van Occupy Amsterdam, is het slechts een kwestie van tijd voordat de piramidezwendel van de banken instort. Deel 2 in een serie.